Een einde aan de verWildering Graag!

Ondergetekende mocht gisteren weer gillend gék worden van de debielenkwekerij die zich tooit met de naam ‘commerciële omroep’. [Even ter toelichting aan degenen onder u die deel uitmaken van hun doelgroep en deze aanhef mogelijk dus niet doorgronden: dat zijn de sterk verkleuterde televisiezenders van RTL, SBS c.s.] Om in de luttele minuten die overblijven tussen de vele en lange reclameblokken -want hun enige interesse betreft de verkoop dáárvan– voldoende mensen ‘vast te houden’  wordt geen middel geschuwd; behalve kwaliteit leveren, dat spreekt. (Men roept slechts voortdurend: “blijf bij ons!”) Verder stemt men EN BLOC tegen weglopers de reclame tijdstippen af: reclames zijn daarom min of meer tegelijk op al deze ‘onafhankelijke’ zenders. Hier kan de Opta nog mooi werk te verrichten: oprechte concurrentie blijkt er niet uit, publieksonvriendelijke kartelvorming wel. Terwijl op deze wijze Zap-gedrag al wat wordt ontmoedigd is het inmiddels ook achter de verste studiomonitoren doorgedrongen dat men in de korte tijdspanne tussen de ‘blokken “mededelingen” de kijker niets wezenlijks voorschotelt dat hem of haar op inhoud zou kunnen boeien. In plaats daarvan tracht men dus maar zo heftig mogelijk aanwezig te zijn. Dat levert veel ranzige of zelfs ronduit gore beelden op. Het draagt naast de eerder benoemde afstomping bovendien stevig bij aan de mentale verloedering. Zo werd ons vanavond een ruime blik gegund op de onttakelde romp van een achtjarig zwart jongetje – ontdaan van alle ledematen én zijn hoofd; de zaagsneden bovendien goed in beeld(… ) Beelden behorend bij een bericht al geruime tijd eerder: het lichaampje was uit de Thames gevist en het zou gaan om een ritueel getinte moord. Waarom werd dit triest-lugubere beeld nu eigenlijk zo uitbundig getoond? Want er werd geen enkele aanvullende informatie zelfs maar bij gesuggereerd(?). De omroep beantwoordde na een seconde of vijf zélf die vraag: “Nu komt er een reclameblok, daarná hebben we nog méér beelden voor u – blijf dus bij ons!” De conclusie dringt zich op: alles is toegestaan (terwijl niets wordt overdacht) – zolang u maar kwijlend voor de buis de reclame uit zit.

Er zijn gruwelverhalen in de Literatuur bekend waarbij mensen bijvoorbeeld vrijwillig aan een dodelijke jachtpartij op elkaar deelnemen (hetgeen in dat boek ook nog van overheidswege gesubsidieerd wordt uitgezonden, omdat dit ‘vermaak’ zoveel kijkers blijkt te trekken). Tot op heden beschreven wij dit soort verhalen in ons deel van de wereld met ‘fictie’. Zo staat het ook nog in de Biep of catalogus.  Maar de barbarij van de werkelijkheid lijkt me in dezen niet zo ver af. (Denkbaar is in dit kader bijvoorbeeld ook: opnieuw ‘Neo-Romeinse’ arena’s vol gladiatoren en wilde dieren of de herinvoering van openbare lijfstraffen en executie’s – dat houdt vast ook veel kijkers vast! Tip voor de ‘de Mollen’ of de Oerlemansen onder ons?) Wellicht is een aardig opstapje om de volgende ijsshows met ‘bekende Nederlanders’ (zelf doorgaans bestaand uit hetzelfde derderangs omroepsgrut dat de eerder al bedoelde ranzige programma’s EN GROS produceert en/of opleukt) eens te filmen op buitenijs met diep, donker en ijskoud water eronder – en dan bij óplopende buitentemperatuur. (Spannend!)

Ook op dit vlak pleit ik hier voor een veel linksere en voor mijn part ‘ouderwetse’ benadering: belet winstbejag domweg het innerlijk perspectief van mensen te beschadigen en zo actief de gemeenschap te verloederen. Léve de linkse kerk: idealen versus volksgericht.  Zelfs degenen die herwaardering en aanpassing aan déze tijd van ‘ouderwetse’ begrippen als ‘de verheffing des volks’ te beláchelijk voor woorden achten zouden niet moeten willen dat het omgekeerde -als een normaal commercieel ‘restverschijnsel’?- blijkt te worden geaccepteerd. Kwaad doen, schade aan richten; debielisering als restproduct van winstoogmerk, dst kán binnen een gezonde gemeenschap immers niet anders dan hooguit als “een helaas niet voorzien en onmiddellijk te corrigeren incident (als een ‘ontsporing’)” worden aanvaard – en verwerkt. Lees: beëindigd.  Dat we al ver zijn afgegleden blijkt m.i. uit het feit dat ook op de ‘publieke’ (= op basis van belastinggeld namens de gemeenschap ter kennisgeving gevestigde) omroep lieden als Jort Kelder (die in zijn blad Quote al de nodige onbenulligheid aan de dag legde) de gelegenheid krijgen onweersproken elke vijf minuten te stellen “dat iedereen toch eigenlijk uitsluitend voor zichzelf gaat”. Het idee dat de voorgaande quote een “feit” zou zijn is nu juist de kern van wat wij TERECHT vaak ‘kroegpraat’ noemen. De populistische exploitatie daarvan door Westbroekige, Fortuinistische en Wilderiaanse groepen rond dit waanidee van niet te breidelen en rücksichtlos egoïsme als organisatiefundament voor het inrichten van de gemeenschap holt de samenleving -het woord zegt het al-  uit.

Ten onrechte: want mijn ervaringen gedurende pakweg 50 jaar zijn anders. Waar het inderdaad zo is dat, vooral bij zich plotseling voordoende situaties, een eerste impuls vaak vanuit ‘direct eigenbelang’ ons menselijk gedrag aanstuurt; blijkt zich heel dikwijls al na korte tijd een ‘automatische herweging’ van die eerste impuls voor te doen. Je zou dit zelfs best een criterium voor een gezonde, volwassen geest kunnen noemen: die is gewend aan de notie dat wederzijds belang & afstemming duurzamer is, minder waakzaamheid vergt (om maar eens twee van de vele ervaringen te noemen) – en dus veel prettiger leeft en laat leven. Wie serieus om zich (en in zich-) kijkt beseft dat véél van wat in onze dagelijkse omgangspraktijk aan afwegingen, conclusies en daaraanvolgend gedrag blijkt, doortrokken is van dit soort gezond kuddebesef. En is ‘kuddebesef’ niet eigenlijk een ander (meer ‘biologisch’) woord voor ‘gemeenschapszin’?!  Het intuïtieve beséf van gemeenschaps-ordening. Veel in dat ‘bewust-gebonden’ gedrag moge dan misschien onbewust, wellicht aangeleerd of ooit zelfs sterk van buiten af bijgestuurd zijn: het wérkt en is een onmisbaar smeermiddel in de concepten ‘familie’, ‘buurt’ of ‘volk’. Bovendien ligt juist déze attitude ten grondslag aan het basale welbevinden van velen: ankerplaats vanuit ervaren vertrouwen.

Verreweg de meeste van ons dragen dan ook bewust desgewenst ‘graag een steentje bij’ en dan nog veel liever in directe zin dan via een goed doel ver weg. In een qua hoeveelheid en tijdspanne nogal wat vergende tijd als de onze kunnen we doorgaans een duwtje in de richting van aandacht hiervoor nog best gebruiken – echter in géén geval duwtjes  die verdere onthechting bewerken. Dat “desgewenst” verdient nadrukkelijk onze aandacht. Zowel op onderling als op politiek- en organiserend niveau. Gewenste stimulatie tot toenadering dus graag. (Laat dát nu maar als eigentijdse intentie tot ‘verheffing de volks’ gelden) Gewoon van elkaar vragen wat wij ook graag tussen ons zouden zien. Beginnen dan maar met elkaar meer bewust te maken van wat er al is. (‘Solidariteit’ zou passé zijn? Lul toch niet: praat maar eens serieus met de mensen – verlangen is er genoeg!] En: er is nog altijd een heel bevredigend fundament – bouw daar eigentijdse vormen van cohesie op. Want wat iedereen die het niet glashard overschreeuwt allang weet is ook: gelukkig ben je nooit spontaan en alleen; maar als je ‘geluk’ hebt máken mensen het elkaar soms wel! Dat geldt voor élke relatie, óók de grootschalige die we ‘Gemeenschap’ noemen.

Wég dus met de Splijters, niet toevallig herkenbaar als erfgenamen van Le Pen en eerder Mussert:  jullie tijd -van ‘eigen gelijk eerst’ tot ‘haatzaaien als egoprofiel’- is gewoon geweest. Nu maar weer eens een (hopenlijk lange) tijd van Binden: verbinden tot Herstel en dan door naar Verbónden zijn. Al te zachte heelmeesters maken echter ook hier stinkende wonden:- daarom is het mijns inziens niet vies om, nádat we gewenste waarden prioriterend benoemen, de daarvan afgeleide normen behoorlijk dwingend te stellen. Dus Rita’s, Geerten en andere hedonistische roofzuchtigen, tot hele organisaties toe: er is slechts één Heilige Koe en dat is onze Gemeenschap en haar toekomst. Wie zich te graag als grote roerganger etaleert dient subiet aan de zijlijn gezet: ga maar buiten (ons) spelen – misschien is een eigen competitieveldje (Flevoland?/Stille Zuidzee? Dan zitten voor de verandering ook de juiste lieden eens in een Getto.)  De ontwikkeling van de Gemeenschap worde natuurlijk altijd bezien in een perspectief van 20 jaar of langer. En we hebben daarover dan natuurlijk weer net zo lekker veel verschillen van mening als altijd. Gelukkig maar: het houdt de zaak levendig, voorkomt ideologische verblinding en dwingt tot oefening in het verstaan van de ander. Over één ding zouden we het wél eens moeten durven te zijn: élk individu dient zich te bewegen binnen het perspectiefprofiel van de Gemeenschap waarin hij/zij verkeert.

Precies die vrijheid kan hij of zij zich veroorloven. En meer niet.

Joop, 20.02.07

Plaats een reactie