Van Bil-

– en ándere fiets aangelegenheden

Hanneke en schrijver dezes zijn voor 10 hele dagen uit elkaar. Wij gaan dan beiden nog wel eens enigszins vreemd. Zíj gaat bijvoorbeeld al die tijd, 24 uur per dag, plots intensief om met de nodige zeer van het gemiddelde afwijkende Landgenoten (en dan bedoel ik niet persé alleen de cliënt/reizigers). En ze eet, als ’t even tegenzit, zomaar gedurende 10 dagen achtereen wagenwiel-grote schnitzels. En dat allemaal vrijwillig ook nog.  Daarenboven gaat ze dit keer als 60 jarige van huis en keert als 61 jarige terug..!  Ondergetekende liet zich inspireren door de prettige verwachtingen van Erwin Krol c.s. betreffende een volle week fraai, droog weer en sprong op een fietsje vol goederen (zoals reserve kleding, tentje, gasflesje met brander, luchtbed met pomp, enz.) om zich ongepland naar vaag omlijnde horizonten te spoeden. Terwijl Hanneke dus net aan haar tweede wagenwiel toewas in het verre Tiroler Gerlos, stoof ondergetekende al van Tilburg af in de richting van Walcheren. (In Koudekerke, achter Middelburg, woont nog een oude vriend vanuit Bartimeushage [1972-1976],  dus die zat al wel vast in de verder nogal vage planning)  Mijn ervaring is dat bij zeer warm weer fietsen prettiger is dan stilzitten: bij rustig peddelen worden volvochtige zweters zoals  ik -zolang ze rijden tenminste- minder nat en houden het hoofd beter koel. Al op dag 2 bleek echter dat zoiets bij voor Nederland opmerkelijke temperaturen van rond de 35 graden C. (!) tóch niet geheel consequentie-vrij is: aan ’t eind van die dag bleek ik op m’n linkerbil een ‘doorzit’ plek te hebben – waar ‘k de volgende 3 dagen vrolijk op heen en weer mocht blijven schuiven… (We zullen zondag wel horen of Hanneke’s escapades ook voor ongemakken blijken te hebben gezorgd; op de weegschaal be-ijvoorbeeld, of niet meer uit bed te krijgen…) Niet getreurd echter: het bleef, ook mét wrijfplek, een heerlijke fietstocht.  Ruim 360 km. bij stralend weer door het westen van Brabant en de oude kern van Zeeland bood een keer aan uitzichten over land- en waterschappen en tot de verbeelding sprekende historische steden en stadjes, zoals: Chaam, Krabbendijke, Kruiningen, Arnemuiden, Middelburg, Veere, Goes, Yerseke, Tholen en Breda.  Alleengaand peddelen met een klein koepeltentje is behalve goed voor conditie en algemene levensvreugde ook nog spotgoedkoop:  duurste overnachting € 12, goedkoopste € 6,20 –incl. douchen!  Het leven is bovendien uiterst eenvoudig: rond 13.00 uur ergens aanstrijken en op een zonnig terras een eenvoudige warme lunch tot je nemen (pakweg € 10, incl. drinken), rond 15.30 wederom een terras voor een koele dronk, dan wel koffie o.i.d.  Vervolgens kort voor een beoogde camping -even daarvoor naar geïnformeerd of via Google op de smartphone opgezocht- vluchtig langs een supermarkt voor broodjes en beleg ( avondeten en onbijt), eventueel met een soepje erbij… Vul dat aan met een bijpassen gekozen flesje wijn, en: bij aankomst is alles geregeld!  Het tentje staat, met opblaasbedje enz.,klaar binnen 30 minuten en je kunt op het meegebrachte stoeltje je (e-)boek verder lezen, kranten of ’t journaal doornemen (op de smartphone), radio, muziek of een Bommel-aflevering luisteren (via de Mp3 speler), een praatje maken met de buren(en/of hun kindertjes) of eerst nog even lekker gaan douchen. Wat volgt is de zonsondergang, zwoele bosgeuren, wijntje erbij en naar bed zodra en zolang je zin hebt.  Je kunt minder relaxed leven … Wat ik al jaren beweer blijkt ook zo waar: minder (gedoe/spullen) is meer(tijd/leven).  Gewoon véél wegdoen en daarna de boel klein houden dus!  Toch zijn er ook dan wel van die ‘verdorie’-dingetjes natuurlijk.  Zoals mijn doorzit-bil.  Én een achterband met een kanvas-breuk (waardoor ik zo’n 7 km. om moest fietsen om in een verder gelegen dorp op zaterdag nog na 17.00 uur bij een bouwmarkt aan een nieuwe band te kunnen komen).  Én een losgebroken ketting’kast’  (die ik 60 km. later bij een Zeeuwse fietsenmaker met behulp van een accuboormachientje en een tye-ribje, geheel zonder kosten, zelf mocht repareren).  Maar al-met-al:  peanuts aan zorgjes en een wereld aan indrukken.  Nu, weer thuis, dus ook een volgegooide ‘harde schijf’ (tussen de oren) aan zintuiglijke waarnemingen. Gelukkig zijn de foto’s er nog om e.e.a. op te bergen en zodoende voor (te) snelle vergetelheid te behoeden.  Daar is zo’n smartphone ook al goed voor, foto’s. Terwijl je bovendien je mail bij kunt houden wanneer je dat uitkomt – met bijna niets weg en toch bijna alles ‘net als thuis.)  Er werden dus honderden km.’s volop genoten in vijf dag-etappes. Alles nogal geïmproviseerd (ik houd na m’n wereknd leven steeds minder van planning en steeds meer van puur impulsief handelen en was dus al weg binnen twee uur na m’n besluit om een tocht te gaan maken. Er hoefde weinig kleding mee (’t bleef toch mooi weer), een vaag route idee zelfs alleen een richting-keuze is voldoende (verder soms op kaart of zelfs globaal op de zonnepositie, dan weer een stuk volgens fietsknooppunten…) en een onbepaalde lengte is ook OK (het kon drie, maar mocht ook gerust zes dagen duren).  ‘k Ben nu krap 24 uur weer thuis en alles is alweer  opgeruimd – waar van toepassing ook al uitgewassen en droog.
Dit was de vierde keer spontaan met een tentje wegrijden voor mij.  ’t Zal vast nog wel eens gebeuren. Hoewel: niet alleen de eigenaar, maar ook de fiets begint wel veel mankementen en gekraak te vertonen… Maar ja, de één is 63 en de ander doet al zo’n 20 jaar trouwe dienst. Bij beiden is enig gepiep bij flinke belasting (meer dan 100 kg. totaal …) dan ook niet zo gek natuurlijk.  ‘k Zal de trouwe tweewieler eens wat liefdevolle aandacht schenken, daar schijnt ‘ie behoefte aan te hebben.  Zelf kom ik dan zondag weer aan de bak: dan is mijn Geliefde weer aanwezig en beknuffelbaar – dan heeft die fiets het nakijken!

PS.  Enne, jullie weet ’t, hè: een plaatje aanklikken = het vergroten ervan…

Plaats een reactie