Plots lijkt iedereen jarig: de meest direkte familieleden, vrienden en kennissen worden nu al doorgaans tussen de zestig (ik: begin volgend jaar) en vijfenzestig jaar oud.. Hanneke morgen ( nog een bescheiden) 57 ! Intussen laten we daardoor onze levenslust niet ontmoedigen: integendeel ! Er wordt gereisd; wij dit jaar al ruim twee maanden per boot, Hanneke met vrolijk gehandicapten, wij vanaf donderdag weer even varend en dan wij samen weer -vanaf september- zo’n twee maanden met ons sleepbedje met de Zon mee naar Zuid. En er wordt gewandeld. En ook gefietst: zie fotootje van een lekker tochtje met de Vallei, de Utrechtse Heuvels, het Rivierenland en het Veluwemassief onder de smalle banden met onze vaste fietsfamilieleden uit ‘Kiepedoarp’.

Intussen is onze jongste op ‘huwelijksreis’ – met vriend Pieter naar Spanje. Voor dat u -niet zozeer helaas, maar toch wél ten onrechte- iets anders mocht denken: genoemde reis hebben de heren welwillend ‘overgenomen’ van een ECHT paar; dat dus níet ging… Morgen twee verjaardagsfeesten, daarna nog even lekker te water dus en dán aan de slag met het caravannetje, dat nodig moet worden nagekeken: hij stond al sedert 2006 (van vóór onze bootreis naar de Middellandse-) bleekjes te verstoffen tenslotte !
Optimisten leven zeven jaar langer
Hoe kan het dat de ene bejaarde prima functioneert in het dagelijks leven, terwijl een ander een kwijnend bestaan leidt binnen vier muren? Het is een vraag die centraal stond bij de wandeletappe die onze Bert (himself) en vorige maand uitsprak, zomaar, boven op een heuvel, op een bankje bij Beek Ubbergen. Maar ook de vergrijzing kwam aan bod. “Laten we niet overdrijven, zo dramatisch is die nou ook weer niet.”
Ouderdom intrigeert hem al zijn hele leven. Als jongetje wilde ik geen piloot of brandweerman worden, maar tevreden. Naar het voorbeeld van de vader van mijn vader, die op een mooie manier oud was geworden. Evenals zijn moeder (90) geworden, die aanvoelden aan dat ze niet achter de geraniums moest wachten tot iets op haar pad komt, maar die van alles onderneemt. Die op vakantie gaat met een reisgezelschap en net zo makkelijk in de trein stapt voor een dagje Amsterdam.
“Moeilijke tijden heeft ze ook gekend, na de dood van haar man en nadat ze van de trap was gelazerd en meerdere wervels waren ingezakt. Maar goed, na verloop van tijd pakt ze de draad weer op en gaat ze op eigen kracht door.”
De charme van ouderdom? Een zekere rust. Die bespeurde ik bij mijn moeder maar inmiddels ook bij mezelf. “Je hebt het een en ander meegemaakt en relativeert wat meer. Het leven wordt wat makkelijker, wat overzichtelijker. Aan de andere kant is het niet leuk om gas terug te nemen. Ik merk zo stilaan dat het hardlopen minder hard gaat en dat ik meer last krijg van mijn oren. Ik word kaler en grijzer. En wie weet welke aandoeningen ik straks krijg.”
Toch ziet ik er niet op tegen het ouder worden, maar wel tegen het niets doen.
Pensioenstelsel, goed, ik vertel het je even ………
Eerst een paar opmerkingen over de vergrijzing. Een fenomeen toch. De Verenigde Naties rapporteerde een paar dagen terug dat over honderd jaar 40 procent van de wereldbevolking – de teller staat dan op negen miljard – ouder dan zestig jaar zal zijn. Niet bemoedigend. Ook de eigen bevolkingscijfers voorspellen iets soortgelijks. In 1950 was 7,7 procent van de Nederlanders 65 jaar of ouder, in 2002 was dat 13,7 procent en in 2040 – de piek – zal dit 23,4 procent zijn. De doemscenario’s zijn bekend. De pensioenen worden onbetaalbaar omdat minder werknemers meer kapitaal moeten ophoesten. Tegelijk zal de gezondheidszorg, waar men nu al ‘pyjamadagen’ nodig heeft, overspoeld worden met (chronisch) zieken.
Ik zal niet bestrijden dat de vergrijzing problemen met zich mee brengt. “Maar we moeten niet overdrijven. Er is echt geen reden tot paniek.”
In vergelijking met andere West-Europese landen staat Nederland er helemaal niet slecht voor. Een paar jaar geleden herbergde Nederland, na Ierland, de minste 65-plussers binnen de EU. Italië heeft meer reden tot paniek: bijna 20 procent van de inwoners is ouder dan 65. Bovendien groeit daar – net als in Tsjechië en Spanje – het aantal ouderen veel harder: 40 procent in 2050.
Italië kampt nu al met torenhoge pensioenkosten, ze bedragen 14 procent van het bruto nationale product. In Nederland slechts 6,2 procent. En daar komt ook nog eens bij dat we de tijd hebben om een oplossing te bedenken, zegt Kempen. Het is niet zo dat het water nu al tot aan de lippen staat. “Niettemin zijn de eerste voorzorgsmaatregelen al genomen, in 1998 is een nationaal spaarfonds AOW opgericht, als aanvulling op het pensioenstelsel. Vanaf 2020 kunnen we hierop een beroep doen.”
Angst
Als wandelaar zal ik me meer bezig gaan houden de vraag die me buitengewoon boeit: waarom kan de ene bejaarde tot op hoge leeftijd functioneren in het alledaagse leven – zoals mijn moeder – terwijl een ander een kwijnend bestaan binnenshuis leidt? Ziekte en erfelijkheid spelen een grote rol, maar ook psychosociale eigenschappen van mensen. Denk aan gevoelens van controle en competentie. “Ouderen die het gevoel hebben dat ze hun situatie kunnen sturen, ondernemen daadwerkelijk stappen. Wie gelooft dat sporten of diëten bijdraagt aan de lichamelijke conditie, zal eerder bij een sportcentrum aankloppen. Diegenen die denken dat het allemaal niets helpt, blijven op de bank zitten.”
Deze persoonlijke verschillen treden onder meer aan het licht nadat ouderen een fractuur hebben opgelopen na een val. Men schat dat één op de drie zelfstandig wonende bejaarden elk jaar een keer struikelt, 5 procent van deze ‘vallers’ breekt iets. Ik betreurt het dat hulpverleners eenzijdig hameren op het voorkómen van valpartijen. “Niet dat dit onbelangrijk is, maar we moeten aan de andere kant accepteren dat vallen bij de ouderdom hoort. Tenzij we alle bejaarden in bed houden, met een hekwerk eromheen.” Tje wat een droefenis.
Grootschalig onderzoek wees uit dat een groot deel van de struikelaars het oude niveau niet meer haalt. Niet alleen als gevolg van het lichamelijke letsel, maar vooral ook uit angst dat het weer gebeurt. Ze zijn geschrokken en durven veel dingen die ze vroeger wel deden – huishoudelijke taken of een stuk wandelen – niet meer te doen en kunnen in het slechtste geval geïsoleerd raken en vereenzamen. Met vallen en opstaan toonde ik aan dat wandelaars die hoog scoorden op ‘gevoelens van controle en competentie’ beter in staat zijn de draad van het alledaagse leven weer op te pakken.
Om ouderen weerbaarder te maken heeft de Wandelpool onderzoekers zogeheten zelfmanagementprogramma’s ontworpen. Dat zijn etappes waarin ouderen, onder begeleiding van ene H en B, leren omgaan met bijvoorbeeld valangst. Ze steken van elkaar een hoop op maar krijgen ook opdrachten mee naar huis. Het doel is onder meer om gevoelens van controle en competentie te versterken, om uiteindelijk hun autonomie te vergroten.
Begin dit jaar heb ik nog met H in Zuid-Limburg onderweg een valangst-programma op poten gezet. Zelfmanagement bij ouderen is een benadering die nog te zeer in de kinderschoenen staat en in de nabije toekomst veel meer aandacht verdient, menen wij. Deze wandelingen vormen niet alleen een belangrijke aanvulling op de bestaande zorg voor ouderen, maar kunnen ook de druk op de gezondheidszorg enigszins verzachten. Lang leve onze cirkel van vriendschap. Haha B
Vetzucht
Nog even over de levensverwachting. Die ligt fors boven het gemiddelde: op dit moment worden Nederlandse mannen 76 jaar, en vrouwen 81. Opvallend is dat de levensverwachting in Nederland weliswaar groeit, maar niet zo hard als in de rest van Europa. Het RIVM wijt dit aan het ongezonde gedrag: roken, drinken en ongezond eten. Het zou mij niet verbazen als ook de hoge arbeidsproductiviteit een rol speelt. “Wij persen, onder meer door atv-dagen, steeds meer werk in kortere tijd. Wij denken vaak dat ze in de VS hard werken, maar dat valt reuze mee. Ze draaien misschien meer uren, maar ik had collega’s die in werktijd naar de film gingen.”
Vanwaar die 86,6 jaar? Dat is de uitkomst van de levensverwachtingentest. Een korrel zout is op zijn plaats, al gaat het niet om een pruttestje maar om een wetenschappelijk onderbouwd instrument. Ik geeft alvast een voorproefje: Wie buiten woont, mag vijf jaar bijschrijven, stedelingen niet. Mannen leven vier jaar langer als ze getrouwd zijn, vrouwen twee jaar. Zijn de vier grootouders de tachtig gepasseerd, dan levert deze gunstige stamboom vier jaar extra op. Het meest lucratief is een optimistische instelling, plus zeven jaar. Het meest schadelijk is roken of vetzucht: min zes.
Zo ik ben klaar met m’n verhaal en wandel weer verder …… Goh ik kan zo moe worden van mezelf en al die verhalen. Heb ik meer problemen dan ……
Haha B