Na veertien dagen in het diepe Zuiden zijn we weer (U)trecht. Het was er zonder meer heerlijk: op één druilerige dag na zonovergoten en tussen 17 en 23 graden – in de schaduw, want in de zon bakte je zwetend weg. Nu zijn wij van huis uit geen strandliggers -we houden van meer activiteit- dus zijn we ook niet zwaar doorbakken. Maar toch wel wat licht krokant geschroeid… Het fietsen door de heuvels was prima te doen, op een tweetal lange hellingen van zo’n 10% na, die we maar lopend verder deden (Omhóóg uiteraard, naar beneden hoorde je ons niet klagen) Verder hebben we veel gelopen, nog meer gekeken en bovenal: véél dooie visjes opgegeten! En natuurlijk Thijs weer eens opgezocht.
Sedert dinsdagmorgen 00.15 uur zijn we weer thuis; de koffer en tassen zijn opgeruimd; aan de was wordt gewerkt; de tuin loopt uit en de koffiezetter doet ’t – kortom: we zijn weer genesteld. Vandaag gingen we voor het eerst een dagje mee fietsen met de fietsclub Leidsche Rijn. Wij bleken de enige fietsers zonder elektrische fiets, maar we hielden de meute (we waren met 12) meer dan gemakkelijk bij. Kennelijk wordt je buitengewoon lui van wat teveel gemak. Al met al een leuke fietsdag met lange (koffie en ijs-) pauzes. Zo’n 60 km. bij elkaar. En prachtweer natuurlijk, zeker om te fietsen: zonnig bij maar 2 Bf. wind. Rond 15.30 uur waren we weer thuis, ruim op tijd om buiten in het zonnetje nog wat te lezen (Joop) en boodschappen te halen + te koken (Hanneke) want Kasper kwam eten.
Morgen wéér een mooie dag – dus dat boek komt nog wel uit…