Om met de titel van Bilbo Balings reisverslag te spreken (jullie hebben vanzelfsprekend allen J.J.R. Tolkien gelezen!) gingen wij: “Daarheen en weer Terug”. Alleen sloeg dat in ons geval natuurlijk op ons twaalfdaags verblijf in Pedras-del-Rei, nabij Tavira in Portugal. Op de 11de ontstegen wij vliegveld Eindhoven rond 15.30 uur om tegen 17.30 uur in Faro neer te strijken. (’t Is wel 3 uur vliegen, maar in Portugal is het een uur vroeger..) Onze ingebouwde transfer leverde ons zodanig op tijd in ons huisje af om nog in het restaurant te kunnen dineren. Visjes vanzelfsprekend want in de Algarve is ’t vis, visjes of nog iets meer visjes …
Pedras enz. is een ons zeer bekend, fraai en heel rustig, park waar we nu alleen een wat groter huisje hadden. Daarmee hadden we niet alleen twéé slaapkamers maar ook naast het gebruikelijke half-overdekte terras ook een heus dákterras: met uitzicht over de Oceaan. Het park ligt op 7 km. van de stad Tavira en minder dan twee km. van het vissersdorpje Santa Luzia. Bij de huisjes horen (knal oranje) fietsjes, welliswaar met maar 26inch wielen, maar ook met voldoende versnellingen om de lichte heuvels in de kustwegen en -fietspaden te kunnen pareren. We deden het nodige samen – waarbij wij vooral de omgeving in diverse routes konden tonen – maar konden ook lekker ieder voor zich ‘uit de voeten’. Strand en zee liggen op een kleine 1700 meter afstand – over een brug en wandelend langs een smal-spoortje; of ook in het treintje dat daarop rijdt. Hanneke, Kasper en Michiel waren daar nog wel eens te vinden. Joop is meer een wandelaar, fietser en ik was ook enkele keren naar vriend Thijs in Tavira.
Met hem aten we ook een keer gevierenlijk (Thijs heeft een elektrische rolstoel met dikke bandjes die ook nog hoog/laag kan, daarmee komt hij in Tavira nog overal). Hij had M.en K zo’n dikke 20 jaar niet gezien, de kwart eeuw daarvoor wel regelmatig, dus wederzijds leuk. We hadden élke dag volop zon en zelfs bij lichte heiigheid bleef het een graad of 25 in de middag worden. Om een lekker tintje op te bouwen hoefde je dus echt niet te zonnen, dat ging vanzelf. Dorpjes en kustfietspad werden afgeschuimd, in groepsverband én ook p.p., wandelend of per fiets. Ook onze knaapjes vonden huisje, park, de zoutpannen en héle streek een weldaad voor de rustzoekende vakantieganger. Ze willen “wel weer eens mee”… Ook de terrasjes, daar zijn er nogal wat van(!) vielen in de smaak, al moest Kasper nogal eens wat concessies doen ten aanzien van zijn doorgaans meer vegetarische levensstijl, want de mogelijkheden om “géén visje of zeefruit” in je maal te vinden staan zelden op het menu. (Toch zagen we al wel havermelk e.d. in de supermarkten)
Op mijn verjaardag, de 22ste dus, lunchten we eerst feestelijk en vlogen daarna ’s avonds weer op Eindhoven aan -nu betekenen de 3 vlieguren dus 4 klokuren – waarop we pas na twaalven weer in Veenendaal waren. Zondagmorgen vertrokken de zoons dus weer richting Utrecht/Harmelen. Met de zussen en zwagers vierden we m’n bereiken van 74 levensjaren dinsdag j.l. nog even ná.
Inmiddels hoeven we hier trouwens de blaadjes níét meer “uit de bomen te kijken”: ze komen inmiddels spontaan weelderig te voorschijn – op een enkele trage oude eik na…
En Hanneke vindt ’t nog vééél te koud!