Een bekende zegswijze luidt “Alle Zegen komt van Boven”. Welnu: wij worden hier telkenmale rijk gezegend! Een groot deel van het jaar nemen deze zegeningen de vorm aan van lustig neerdwarrelende dennenaalden. (Onze onvolprezen buurman Ruud haalde tijdens ons recent verblijf in het Zuiden nog een kruiwagentje of wat weg) In dit jaargetijde echter overheersen bladerrijke zegeningen veruit. Ik weet niet of de kreet “Op Hoop van Zegen” door de schrijver H.Heijermans (u weet wel, van “de vis wordt dúúúr betaald!”) is ontworpen of al eerder in onze taal was geworteld, maar: wij hebben hópen zegen! Voorlopig zes hopen om precies te zijn. Zojuist hebben we die middels élf volle kruiwagens afgevoerd. Voorlopig dus, want alleen de Amerikaanse eiken zijn nu praktisch geheel kaal. Hollandse eiken, berken, andere incidentele boomkruinen en diverse struiken zullen ons echter vooralsnog bijna even rijk blijven zegenen. Ik hoef jullie dus niet te vertellen dat wij het schone adagio “Tel uw Zegeningen één voor één” maar NIET in uitvoering hebben genomen. We zouden dat simpelweg niet kunnen bijhouden. Ter Acacia 23 tellen wij onze zegeningen nu dus per kruiwagen … “Dat’s niet Verkeerd!” zou een ex-wandelgenoot gezegd hebben. En ze heeft gelijk: rijk gezegend worden wij van boven. Zelfs als onze huis-eekhoorn daaraan niet bijdraagt.