SNOT

Ben alweer een weekje terug uit het Zuiden.  Twee dagen daarvan met de zussen (van Hanneke) en zwagers (van ons beiden) doorgebracht in ‘Wunderland Kalkar’  All-in, dus flink gebuffeld  (laat dat gerust aan een bourgondisch ingesteld type als ondergetekende over).  In de spiegel zie ik een kop in de kleur van koffie verkeerd.  Dat zag er tot gisteren nog gezond uit.  Geheel plotseling echter heb ik te maken met een hele schedel vol snot. Deze nacht daarmee door gekwakkeld: in en uit bed.  Onder het dekbed te warm, daar buiten te koud. Niet schudden met m’n hoofd: de binnenzijde is geheel traag vloeibaar. En de fietsclub zal het vandaag zonder mij moeten doen. Al wordt juist van wielrenners gezegd dat zij wel ‘met het snot voor ogen’ koersen – toch maar niet.  Bij mij bevindt zich trouwens al het snot áchter m’n ogen. Een hele schedel vol.  (Bedenkelijk: daar is kennelijk ruimte genoeg voor …) Nu eerst dit middernachtelijke stukje.  Ter verstrooiing van jullie en mijzelf.  Tussen ‘t kwakkelen door.  En dan weer naar bed: om door kwakkelen.  Snotverdrie!

Plaats een reactie