We zijn nu alweer een maandje hier en al aardig ingeburgerd ook. Vooral in praktische zin natuurlijk: we weten inmiddels strandovergangen en supermarkten prima te vinden. Ook zéér diverse terrassen en achterliggende keukens in de twee ons omringende dorpen hebben allengs minder geheimen voor ons. De verder gelegen stadjes, wandel- en fietspaden daarvandaan en ernaartoe en ook de spoorweg en haar stationnetjes hadden we al jaren goed in ’t snotje… Wel verrassend is het weer: in al die jaren dat we hier al komen is het nog nooit zó lang zó “wisselvallig” geweest: van miezer tot regenbuien – de Portugezen zijn er blij mee, maar wij navigeren er zo veel mogelijk omheen! Het patroon lijkt: elke derde dag droog en zonniger en de tussenliggende dagen ’s morgens droog en ’s middags -toenemend- nat. Wij passen ons uitgaanspatroon daarop natuurlijk aan. Intussen verleid de temperatuur je gewoon naar buiten: want zonder zon is het altijd nog ergens rond 17, 18 graden Celsius. IN diezelfde zon is het al gauw behoorlijk boven de twintig – en begint dus na enige tijd algauw enig puffen.
Dát bestrijden wij weer met tijdig een terras opzoeken, of een bankje nabij ’t strand of in de duinen (er zijn hier -kilometerslange- vlonders door de duinen, met aangebouwde bankjes). Zo kuieren we kort -zelfs tussen buien door- of lang : een hele (droge) dag naar Monte Gordo v.v. (ca. 14 km) of van station “Luz” naar een favoriet grill terras in Luzeta (ca. 10 km) door dit aangename landschap. Voor de Portugezen is dit nog praktisch winter – die komen hier ’s zomers naar toe, omdat ’t hier bij zee dán zo’n 28 graden blijft, terwijl het ’s binnenlands tegen de 40 graden wordt. Daarom is het nu voor minder dan een kwart bezet met “overwinteraars”: allen uit Noord Europa. (Vooral Engelsen, Nederlanders en Duitsers)
Dat maakt het heerlijk rustig op de paden en in dorp en stad – en alles goed bereikbaar qua terrassen, paden en (trein)reizen. Onze laatste week hier is nu ingezet. We moeten dus maar weer wat gaan “uit-burgeren”… We gaan nog een keer een dag uit met onze Fryske Gezusters en we bezoeken Thijs in Tavira ten afscheid vast ook nog wel.
Verder geen echte plannen; van de hand in de tand leven – op z’n Portugees: “Viver de mão em boca”
(NB: te betwijfelen valt of zij dit gezegde kennen; een dwaze ‘omtaling’ mijnerzijds dus..!)