Verrek, HERFST !!

Volkomen verzadigd van zon, zee, zoelte en zomeer hoorden wij plots aan la Méditerranée dat ook in Noord-Europa een aantal aangenaam stille en zon gekleurde dagen aan zouden breken. Daardoor bemoedigt besloten wij eensgezind dat het nu tijd werd maar weer eens de richting Noord in te slaan. En was het niet in het aloude boekwerkje “Bartje” dat reeds werd vermeld: “doe zoas ‘ie zeggen: dan lieg’ie niet..!” Aldus doende zijn we deze middag op de fraai aangelegde gemeentelijke camping (= Camping Municipal) van Vittel neergestreken. En wat dacht je?: HET IS HIER plotseling HERFST !! (foto)

Natuurlijk willen wij nu óók niks meer mislopen aan het roodgouden gewelf in ons eigen eikenwoud – dus kunnen jullie ons vast daar weer ’thuis’ treffen vanaf bijv. aankomende maandag…

AlWeerAardigDOORBAKKEN…

Na wéér een aantal heerlijke dagen, alle boven de 20 graden en zonnig, waarin we ondermeer de kust bewandelden, havenstadjes verkenden en ook één héle régendag (16 graden!, maar na drieëntwintig achtereenvolgende droge en hier ook echt wárme dagen overleefbaar) ontdekten we ook hier van die typisch Franse grote muurschilderingen die je een zeer vals perspectief voorschotelen. (zie fotootjes – die u trouwens, door in de bovenbalk ‘fotos’ aan te klikken, ook wat gróter krijgen kan…)

Morgen trekken we, wegens weer langzaam toenemende nieuwsgierigheid naar boshuisje en boot – én omdat het weer ook in ’t Noorden weer verbeteren zou, weer een paar honderd kilometer ‘omhoog’ op de kaart van Europa …

MéditerraOui !

Sedert enkele dagen zijn we neergestreken aan de Méditerranée (wij vinden de ontkenning in de laatste lettergreep een Gotspe, vandaar de titel). En wel in Six-Fours-les-Plages, op een fraaie rotspartij vlakbij Toulon.

De eerste dag daar woei er een stevige ‘Scirrocco’, dus aan zee waaiden we uit de kleren (wat natuurlijk wél goed is voor de bruining op doorgaans bedekte plaatsen, maar verder wat fris; zo’n 17 graden slechts). Die dag bleek het vooral zeer avontuurlijk om een laag tegen het water gelegen rotsig kustpaadje te dóen: regelmatig springend om overslaande golven te ontwijken…  De dag daarop hebben we vele kilometers zwaar geklauterd over een hooggelgen kliffenpad. En vandaag “waaien we aan” bij oude vrienden uit Elahuizen, die het bescheiden optrekje bewonen dat u hieronder ziet.(!)

Dat betekent naast lekker ‘bijkleppen’ (uiteraard vooral ook door ondergetekende) ook heerlijk ‘innemen’ want wij delen op z’n minst een zeer Bourgondisch consumptiepatroon…

Morgen met de boot naar Toulon? Of dralen in de zon met boek en wijn?  We zien wel.

In de Herhaling !

Deze dagen staan duidelijk in het teken van het herontdekken van de plaatsen en genoegens uit de periode van ons verblijf hier van december 2006 tot april 2007. Na onze fietstocht langs een ons nog onbekend deel van het Canal du Midi, vanuit onze vorige campplek, bezochten we van hieruit (we kamperen tussen Marseillan en Méze) bijvoorbeeld te fiets Marseillan en omgeving. Daar ‘woonden’ we destijds ruim een week. Vervolgens besnuffelden we uitgebreid Sête, de grote Zuid-Franse vissers- en zeehaven waar we eveneens zo’n periode doorbrachten. (foto Joop)

We brachten daarop een dag door in Carcassonne, meerendeels in en rond de prachtige middeleeuwse ‘Cité’ (foto Hanneke) en gingen daarna uitgebreid op bezoek in Colombiers en omgeving, waar we destijds meer dan drie maanden toefden.

Ondermeer belangrijk daarbij: nog eens eten in ons favoriete restaurant ‘de la Tour’ in Montady, een blik op de stervormige polder uit 1270 (‘Google Earth’ die maar eens links boven Colombiers, France!) en natuurlijk vooral de dorpshaven! Tot onze enorme verassing troffen we daar, ‘life’ en mét zijn boot: onze buitengewoon hartelijke Franse vriend uit die winter JeanPierre ! (zie foto)

Het werd een vrolijk weerzien. JeanPierre melde, net als wij, plannen te hebben nog eens per boot richting Berlijn te gaan, dus werd het slot: “Au Revoir”. Of ”zelfs, zoals JP zei: mogelijk “tot spoedig!” JeanPierre beschikt over enkele dagen over internet, dus een deel van dit bericht hieronder nog eens in mijn ‘Frans’ (Altijd verontschuldig ik mij voor m’n armetierige Frans, maar JP’s Nederlands –én Engels!- is veel beroerder..)

…et spécial pour nous : le visite au Port de Colombiers! S’était un surprise extrême de rencontre, ‘life’ et avéc son Bateau: notre plus aimable Amie Français de cette Hiver JeanPierre ! (Voir le photo) Il fait un revu joyeusement. JeanPierre nous dites qu’il fait des plannes, que nous, de vient en Bateau á direction de Berlin; alors, le finale fait: ‘Au Revoir’. Ou même, que JP dit: ‘A bientôt !’ Parce que JeanPierre fait dans quelque jours le possibilités de l’ Internet, j’écris cette part en mon ‘Francais’ (Toujours je m’excuse pour ma pauvre Fransais, mais l’Hollandais –ét l’Anglais !- de JP est plús abominable..)

Terug van Weggeweest

Sedert begin deze week zijn we dan onmiskenbaar in ‘het Zuiden’ aanbeland (nabij Carcassonne): plattere geheel terracotta daken, buitentemperatuur overdag standaard rond 20 graden, géén dauw te bekennen in de vroege ochtend, e.d.  We staan in een prachtig gebied aan de rand van de vallei tussen het Franse centraal massief en de Pyreneën; aan de Pyreneese kant. In een klein dal, naast een meertje, op zo’n 210 meter hoogte; fraai en ook nog goed beschut tegen wind (Mistral denkbaar!)  Eergisteren sjouwden we rond in de omgeving, voor een deel over de GR 7, tevens een Pelgrimspad – onderweg werden we gevoerd door een wandelaarsminnende Fransoos: vijgen en passievruchten, zó van de tak.  Gisteren reden we naar Castelnaudry (ca. 18 km.), pakten daar de fietsen uit de auto en toerden daarmee langs het Canal du Midi.

Dat voelde als “Terug van Weggeweest”, een vorm van thuiskomen: onze overwintering in Colombiers (waar we later nog langsgaan) leek nog pas gisteren i.p.v. al weer anderhalf jaar geleden. Vandaag toerden we per automobiel de Pyreneën in, bezochten o.m. Miredoux (Fantástisch ‘middeleeuws’ centrum; een overweldigende indruk: aan ieder aanbevolen ooit!) en beklommen het extreem steil staande kasteel van de Katharen, wier hoogtepunt rond 1300 viel. Het geheel staat op een eenzame piek van 1350 meter, de laatste 150 daarvan moeten te voet, pittig klimmen via een fraai rotspad. Fantastisch zicht op de achterliggende veel hogere kammen direkt die Spanje en Frankrijk scheiden. Morgen gaan we rond en door Carcassonne dwalen. En vermoedelijk kort daarop wat dichter naar Béziers: we hebben het oog laten vallen op een plekje bij Marseillan – waar we ook heerlijk dagen doorbrachten op ons schip in april vorig jaar.  In Nederland is het ook al enige tijd (relatief) lekker weer zo begrijpen wij van via de Wereldomroep – dat komt dus ook extra goed uit voor de twee Kabouters die enige tijd in onze geliefde Berghutje in het Eikenbos doorbrengen…

Santé Allen!

Telegramstijl…

*Het is hier vurrukkulluk: zonnig & warm &zovoorts*  STOP *Niettemin gaan we vermoedelijk overmorgen door naar het nóg verdere Zuiden*  STOP *We denken aan de omgeving van Carcassonne*  STOP * Bijgaande foto getuigt alleen al van het ‘puur natuur’ hier…*  STOP

* Wie dáár meer van wil weten logge in op: www.camping-lebonhomme.com* STOP *Lees verder het verhaal (in de kolom rechts) “La Douche France”; een bewerking van een verhaaltje van Kees van Kooten uit 2003 dat zó over ons kon gaan….*  * STOP *  STOP

Just Beïng

In een poging om jullie een indruk te geven van de traagheid, de onbenulligheid én de rijkdom van het vaag-trekkende bestaan dat wij gemeenlijk leiden (of ook lijden?), hierbij een beknopte beschrijving van déze willekeurige (nog niet geheel voorbije) dag : Vanmorgen rond zevenen gingen de ogen al even los (de dag lijkt weer zonnig te krieken) maar kort na achten waren we pas écht het bed uit (de zon staat dan al op de overzijde van ‘ons’ veld) en hebben we beiden even lekker heet gedoucht. Tegen negenen ontbijten we –vandaag binnen- met het (nog warme) brood dat campinghouder Frank rond 8.40 uur op het tafeltje onder de luifel heeft neergelegd. Jam, diverse kaasjes, bospaddenstoelenpaté e.d. er op en thee er bij.

Even na tienen drinken we, inmiddels ook mentaal geheel ‘OP’, koffie buiten in de ochtendzon; het is nog pas hooguit 18 graden en er is nog enige rijpachtige douw op ’t gras te ontwaren. We besluiten naar de markt te fietsen in het meest nabije stadje ‘Chateaumeillant’ (9 km.^ en v) en daar tevens de lunch en de warme maaltijd voor vandaag in te kopen (deels in de ‘Intermarché’ ter plekke). Aansluitend fietsten we dóór door diverse dorpjes en over de (práchtige!) heuvels; waarbij we in een geeldroge berm met fraai uitzicht en in de volle zon bij wijze van lunch (met behulp van Hanneke’s zakmes) een knapperig vers stokbrood belegden met een exquise kaasje.

Zo rond 15.00 uur en met een kleine dertig flink heuvelende kilometers achter de gepeesde kuiten, kwamen we weer bij ons minuscule doch uiterst behaaglijke sleurhutje aan. Rondom dit hutje is het kwik inmiddels boven de 25 graden gestegen, hetgeen ons doet besluiten – los van een kledingwasje en ander klein huiselijk gefröbel- onder de notenboom neer te strijken en ons te voorzien van koele witte wijn, wat blokjes kaas, enkele stukjes blauwkaasworst en wat groene olijven. Een uurtje of twee later schudden wij onze halfdut-in-aansluiting-op-het-boek af om rond zevenen aan te schuiven aan de (buiten-)dis: dit keer een spaghettiachtige pasta met gerookte zalm in een sinaasappel(schil)/peterselieroomsaus, fleurig begeleid door een eveneens zéér geslaagde Muscadet en afgerond met in kwark ondergedompelde gisteren nog vers geplukte bramen. Ik schrijf dit stukje terwijl wij zojuist ( ca. 8.30 uur) binnen zijn gaan zitten uitbuiken met een mok hete koffie in het knuistje. Is dit nu wel léven? Ik weet het niet, produceert u zélf gerust enige mening. Bestáán, dat is het zéker. En ik kan dat weten – ik ben erváringsdeskundige!

Derde Dinsdag in September: Prinsheerlijke dag!

Gisteren een kilometertje of zevenhonderd lager dan Kikkercountry beland: op “le Bonhomme”, de camping van Frank&Wil van Lier, gelegen in een zeer fietsvriendelijke omgeving nabij het stadje la Châtre. De camping ook met verruit het schoonste sanitair in geheel Frankrijk en ruime omstreken. (Wij waren hier eerder).

Vandaag, ónze derde dinsdag in september was hier, zoals ’t fotootje toont, dan ook een Prinsheerlijke dag.

SLIK !

Tot gisteren hebben we lekker gestruind langs de vele klaterende afwateringsbeken tussen deze bijna weggeërodeerde oeroude leistenen ex-Bergen. Gisteren was er echter sprake van een echt kléddernatte regendag; die we grotendeels doorbrachten in het piepkleine stadje Burbuy, waar zich een tuin met kunstig gesnoeide buxus-figuren (van soms al meer dan 70 jaar oud) bevind. En natuurlijk: ons verder verdiept in geheel andere typisch Belgische kunstproducten ( zie foto )!

Vandaag (weer volop zon!) het afscheidsetentje en dan inpakken: Z&Z om morgen terug te keren naar Barneveld en wij om tezelfdertijd door te trekken verder naar het Zuiden – en daar ongetwijfeld dan weer over te gaan tot weer anders (lees: roder) gevulde flessen…

RondrommelenrondlaRocheEnArdennes

Sedert ons (d.w.z. mét Zus&Zwager) neerstrijken bovenop een Ardenner heuvel rommelen wij hier vrolijk rond. Hoewel het weer wel zéér gevarieerd is (tussen 20 en 260 C. en met zo nu en dan een buiendag) zijn we vooral buiten te vinden. We bedwingen daar afwisselend toppen en beekdalen, ontregelen er de middenstand in kleine stadjes, vinden en mishandelen -met de TomTom op de stand ’kortste route’- de meest onmogelijke weggetjes en doorsteekjes (tot een ‘mountainbike’route toe!) en puffen daartussen dan weer uiterst Bourgondisch uit op de eerste meters van het veld met het weidse uitzicht direct voor onze beide Sleurbuitenhuisjes.

Zwager Bert, ooit aangeraakt door een variant van het ‘wat-de-boer-niet-kent-dat-vreet-ie-niet’-virus, heeft daarbij happend in een uitsmijtertje al moeten toezien hoe wij gedrieënlijk een wasteil vol mosselen wegspoelden met knoflooksaus en Muskadet. Voorts moeten wij ons hier heftig weren tegen enkele vier á vijf maanden oude halfwilde katjes die hier eveneens vrolijk rondrommelen. Het zijn er drie, twee zwarte en een uiterst knuffelige grijsgestreepte; voorlopige naamgeving door Hanneke: Vlek, Black en Grijs. Ze ogen zo vertederend als jonge dieren betaamd en zijn daarnaast vrolijk lenig en speels, maar óók behept met een nietaflatende nieuwsgierigheid en een even krachtig ontwikkelde fantasie. Aldus toegerust zien zij nogal eens kans binnen, tussen en áchter iets te glippen; zich op plaatsen te bevinden dus die wíj niet geschikt achten voor kattengebruik. (En denk nu maar niet dat gewoon een voortent dichtritsen of eenvoudig een caravandeurtje sluiten op voorhand afdoende is: “Allez zunne, Ge onderschat dan toch den inventiviteit van dees’ Katten!” ) Het aardige van NietEigenHuisdieren is natuurlijk wél dat we ons kunnen veroorloven heerlijk inconsequent te zijn: luidkeels mopperend op een laatste poezelige vandalen streek voeren we hen dus maar weer een mosseltje of zoiets…

Vandaag gaan de iets jonger bejaarden, ondergetekende en z’n Gade dus, een middagwandelingetje maken van een zo’n 12 km. en morgen (een warmdroge dag!) een flinkere meerHeuvelentocht. De hoger bejaarden, waaronder wij steevast Z&Z verstaan, doen dan een aanmerkelijk lichter parcours. Het uithijgen onder het genot van ’t één of ander organiseren wij natuurlijk echter weer strikt gezamenlijk. Alle thuisblijvers van hier uit gegroet!