SMOTS*

*Smots: Spelling (deels) uit 1864: v. (w.g.) iets vuils, vlek, smet.

Sensatie op de IJssel: onze zwager Bert hoorde het zelfs via zijn scanner  “recreatieboot in moeilijkheden net voorbij Kampen…” Consternatie, Spanning en Sensatie dus. Schrik en super-haastig handelen bij Joop en knoop in de maag (maar toch ook foto’s maken!) bij Hanneke. Wat gebeurde daar nu eigenlijk allemaal!?   Geduld, lieve lezer – we leggen het even uit:   Joop had vorige week donderdag het bootje met de vorige eigenaar te water gelaten en geholpen met de mast en verder tuigage te verwijderen. Daarna hebben beiden de motor vaarklaar gemaakt, een rondje gevaren en is het scheepje aan ons overgedragen.  Joop kluste nog een dagje of twee in de zin van: verder leegruimen, eigen spullen er bij in, een eerste schoonmaak van dek en binnenwerk, en dergelijke. Op zaterdag voor Pasen ging hij weer naar huis en op de dinsdag na Pasen reisden wij per trein naar IJsselmuiden/Kampen en wandelden we naar de jachthaven om de boot in een dag of wat (via Elburg, Harderwijk, Muiden en de Vecht) naar z’n voorlopige ligplaats in de Loosdrechtse Plassen te varen.  Rond 11.00 uur voeren wij de jachthaven uit en zakten de IJssel af. Dat ging vlot: op half toerental al 11,5 km/uur, met de stroom mee natuurlijk. Echter: al na enkel kilometers ging de motor vreemd doen; hij haperde stotend en wilde niet meer op toeren komen.  Door de stevige stroming moesten we uitkijken zonder stuur niet op de stenen aan de zijkant van de IJssel gezet te worden.  Dus greep ik het anker, maar – de harp om dat anker mee aan de ankerketting te bevestigen bleek vastgeroest.. Dus: een haastige duik in het schip, een tang uit de gereedschapskist, terug naar dek, snel los en vast draaien en dan het anker overboord en uitvieren…  We kwamen nét aan de (zand)grond tot stilstand in de neer tussen twee korte kribben – op een meter of drie van een rand stenen. Daar probeerden we de motor uit: die kwam wél op toeren in z’n vrij (hoewel wat inconsequent op ’t gas reagerend, vond ik) maar wilde totaal niet voorbij ‘stationair’ met de schroef in z’n werk.  Mijn eerste conclusie: wellicht touw of netdelen in de schroef [hebben we ooit eens eerder gehad]  In een poging om zoiets vlot kwijt te raken sla je dan een paar keer kort en hard ‘achteruit’, waarbij het soms weer ontrolt en de schroef(as) weer vrij komt. Na een keer of drie leek dit gelukt: alles klonk ineens weer normaal en ook de voortgang was terug. Dus: anker opgehaald, bootje met het roer ‘omgewrikt’ richting hoofdstroom en gas geven om van het zand af te komen.  Zo voeren we, opnieuw tevreden in verband met het gevoel ‘opgelost!’ verder de IJssel af…  Maximaal 500 meter ditmaal: zelfde euvel, dus verkeerde diagnose!  Nu lag het anker wel gereed, dus kwamen we makkelijker tot stilstand in de zijrand van de rivier.  Maar we kregen niet meer dan hooguit stationair – en dat is lang niet genoeg om tegen de stroom terug te varen. (En ook véél te onzeker om door te gaan naar het Ketelmeer. Net toen we dachten “wat nu” (en na dachten over wie/wat in Kampen te vinden met onze GSM) kwam er langzaam een groot schip van Rijks Waterstaat onze kant op varen.  Die bleek te zijn gewaarschuwd door een tankschipper dat er een bootje in moeilijkheden leek… dat was het bericht dat Bert via z’n scanner hoorde (!) ‘Rijks’ bracht ons toen vlot en vriendelijk  terug naar de jachthaven. ( En ook nog geheel voor Nop: hulde! )

Inmiddels is gebleken dat we last hadden van ‘smots’ (zie boven) in de dieseltank: bacteriëngroei in tanks waarin diesel lang stil staat.  Dat is eenvoudig ‘voorlopig’ te verhelpen, maar ik stel toch prijs op een meer afdoende oplossing. [Anders valt de motor bij voorkeur stil op wild water – en dat heeft nu juist niet ‘ónze voorkeur…]  Dus komt één dezer dagen de man die ’t motortje destijds heeft ingebouwd met een voorstel.  Daarna plannen we wel weer een thuisreis

… liefst meteen met wat meer voorjaar er bij !

EOP132

EOP132 = Eerste OosterParklaan 132, want daar zijn we per vandaag weer aangeland. Na onze negendaagse vakantie in ‘de Rimboe’ dus: op de Lunterse Berg, vlak voor het ‘Wekeromse Zand’.  Tot een jaar of 3 á 4 geleden was dit gebied onze achtertuin.  De eerste dagen moesten we aardig stoken, wegens buiten temperaturen van dik onder nul.  Wij zijn gewend met een gasfles, van zo’n 6,5 kilo, ruim twee maanden te doen (we koken er dan alleen op) – maar het gas ging er nu twee dagen lang doorheen met ruim 1.5 liter per etmaal…  Onze rol-villa blijft daarbij overigens heel comfortabel: vloerverwarming, 20 graden binnen, tv op schotel, Wifi bijgekocht – en een straalkacheltje van max. 1000 watt. bij te zetten zodra de binnen temperatuur makkelijker te handhaven is.  Alleen gewone telefoon: dat was met amper één streepje H of H+ wél weer minimaal.  Op de ‘middelste’ woensdag liepen we met z’n elven vanaf station Lunteren mijn laatste Wandelpooltocht van dit seizoen. [Meelopers vanuit Alkmaar tot Nijmegen] Ook die dag mooi droog weer.  We hebben eigenlijk vrij  weinig regen gezien; wél regelmatig zon.  Bij het ontbreken van alle wind bleek één dag zelfs zonder jas in de zon zitten al mogelijk.  Naast rondwandelen in de omgeving hebben we alle drie Zus&Zwager-koppels bezocht en zijn we naar Lunteren en Ede gefietst.  Kasper kwam de laatste zondag over om met ons weer eens lekker over het Wekeromse Zand te struinen.  En daarbij zagen we -voor het eerst in járen- de hele kudde Moeflons weer!.  Eerst kwamen ze langsdraven en daarna hielden ze zich, met drie groepen, langdurig en voor ons goed zichtbaar in het landschap op.  Heel fraai:

Ophalen (dipje negeren!)

Zomaar wat notities:

-Omdat het prille voorjaar maar moeizaam doorbreekt en ons nu zelfs weer een korte, kille dip presenteert, gaan we de lente zélf maar ophalen.  Vanaf zaterdag kunnen jullie ons vinden in “de Rimboe”. Dat klinkt als donker-Afrika, maar is gewoon in Lunteren… Uiteraard nemen we fietsjes en wandelschoenen mee. Die wandelschoenen worden so-wie-so ingezet op woensdag volgende week, want dan hadden we toch al een Wandelpool loop vanaf station Lunteren; via Galgenberg, Ginkelse hei, Kreelse Plas en Ede-dorp.

-Morgenvroeg haal ik eerst ons KIPpetje op om ‘m voor te bereiden op ’t seizoen. (Accu voor de mover er in, gasflesjes idem, water systeem even reinigen & spoelen –dat gaat puik met ‘steradent’- enzovoorts)  Hanneke stort zich intussen in het (klein-) huishoudelijke: schoonmaken, linnengoed er in en verder volgooien met huisraad & etenswaren

-Michiel is inmiddels trouwens weer veilig terug uit Costa Rica; hij sorteert dus tijdens onze Veluwetrip zijn foto’s.

-Tot onze opluchting kunnen we jullie meedelen dat ons verblijf in Franeker niet heeft geleid tot ophef in de Franeker Courant of rampzalige filmpjes op You-tube; kennelijk zijn we prettig braaf gebleven. (Dan kunnen we nóg eens zo’n ‘voordeel uitje’ bij Kea doen …)

-Morgenavond eerst nog naar een optreden van Jeroen van Merwijck, da’s om de hoek hier (Jeroen is ook een Utrechter) en dan de bossen in tot eind maart.

-Daarna, vanaf 28 maart, ga ik naar Kampen om m’n nieuwe (stokoude) bootje te water te laten, vaarklaar te maken, maar vooral: eerst te poetsen (buiten) en goed schóón te maken (binnen).  Vanaf 2de Paasdag gaan we ‘m dan samen naar onze voorlopige ligplaats nabij Breukelen varen.  Noot: gaat niet door bij NW, – 6 Beaufort of hoger ….

C  U  ! !

Maart alweer

In het vorig bericht vermeldde ik al de publicatie van m’n verhaaltje “In de Soep gelopen” (in nr.4 van het maandblad ZIN deze maand).  Grappig is dat Hanneke en ik een dag na dat bericht, op 14 februari, wandelden bij Rhenen en Veenendaal, onder meer op de Amerongse berg. En juist daar speelde zich af wat in dat verhaaltje wordt beschreven – een jaar of acht geleden, denken we.  Maar nu was het prachtweer en toen … (Enfin lees dat later)  Michiel is inmiddels alweer bijna aan het eind van z’n vakantie op Costa Rica – hij komt zondag a.s. terug.  De illustraties bij dit artikel zijn (twee) fotootjes van de vele dieren die hij daar ‘face to face’ tegenkwam. Ze werden ons toe ge‘Whatsapp’t…  Onze “DOMlopen4” tocht, vorige woensdag vanuit Woerden, vond plaats bij práchtig weer en ook mijn eerste ‘museumtocht-met-hoogbejaarden’ in het kader van “4 het Leven” (Google dat maar eens) verliep op de vrijdagmiddag daarna bij droog en heel redelijk weer.  Daarna werd het echter gestaag kouder en vooral ook aanzienlijk guurder, daarom hebben we onze focus wat meer naar binnen gericht: zo werden de muren van onze trapopgang gesausd – eindelijk eens eigenlijk, want we wonen hier alweer twee-en-een-half jaar.  Maar ja, jong bejaarden als wij tweeën staan er om bekend overal ruim de tijd voor te nemen – en wij vullen graag een vooroordeel perfect in…  Verder worden er voorbereidingen gepleegd voor het kampeerseizoen 2018 (We gaan in maart een poosje met ons rollend Huisje op de Goudsberg staan) én het vaarseizoen 2018 (want eind maart neem ik m’n nieuwe bootje in ontvangst!). Ten behoeve van beide doeleinden worden op onze logeer & naaikamer goederen verzameld om e.e.a. schoon en slaap-gereed te maken en verder nog van alle mogelijke huishoudelijke materialen te voorzien. Eérst echter gaan we nog: 1. ons buurmeisje opvangen,  2. Michiel opvangen en 3. een paar dagen bij K. in Friesland logeren, dit laatste om haar de 71ste verjaardag ( op 7 mrt,) vooral goed in te peperen!

En, oh ja: nét voor Friesland, op de 6de, ga ik voor ’t eerst een ‘lezing’ houden voor nog-oudere-Utrechters-dan-wij, waaronder ook nogal wat licht-dementerenden. Ik start met een onderwerp dicht bij (hun) huis: “Varen op Vecht en Veluwemeren”  Ben benieuwd hoe dat uitpakt.

de Zonzijde

De laatste zinnen van het vorige Bericht luidden: want ALS de prille zonnestralen even wolkeloos worden doorgelaten EN de wind is niet te zuidelijk DAN kun je hier ook in februari alweer behaaglijk buiten zitten … En dat blijkt te kloppen, want ik heb alweer lekker lezend buiten gezeten.  Dat kan bij ons vóór (die gevel staat pal Zuid) op dagen met volle zon razend snel, dat wil zeggen vanaf februari tot novembermits er geen wind uit zuidelijke richtingen staat.  Is dat laatste wél het geval, dan kan ik altijd nog in de voorkamer op de tweede verdieping gaan zitten. De grote schuifdeur open en een metertje naar achteren gaan zitten en dan is het al in januari behaaglijk in de zon – op hemdsmouwen! Inmiddels hebben we weer een drietal wandelingen gemaakt, waaronder “Domlopen 3” (vanaf Bilthoven) en een “Museum-dagje”.  Daarin wandelden we door Amsterdam, ‘deden’ het vernieuwde Van Gogh, aten in “de Bazar” op de Albert Cuyp (Leuk! Origineel en echt aan te bevelen) en wandelden we daarna langs de oevers van de Amstel naar het gelijknamige NS-station. Morgen kuieren we rond op de heuvelrug tussen Rhenen en Veenendaal-West: prachtige uitzichten voor een mooie dag!  Op uitnodiging van Michiel hebben we onlangs met z’n vieren een Indiaas restaurant onveilig gemaakt in Zeist en met Kasper keken we in Cinemec hier de film “Wild” (gefilmd op de Veluwe, ooit onze achtertuin). Een uiterst droevige dag was vrijdag j.l., toen al moesten we naar de crematie van Mieke, de vrouw van Johan – waar we eerder al over vertelden. Veel eerder toch nog dan we hadden verwacht, Mieke was een aantal jaren jonger dan wijzelf en dat maakt je natuurlijk ook weer extra bewust van het feit dat wij zelf ook deel uitmaken van “de laatste generatie”. Tot mijn plezier hebben we inmiddels een prettige ligplaats -voor dit seizoen-  gevonden in de Loosdrechtse Plassen, vlakbij Breukelen.  Een opluchting, want zo 1 april halen we ons ‘nieuwe’ bootje (bouwjaar: 1976!) uit Kampen op.

Nog een kersvers nieuwtje voor jullie allen: onlangs was er een verhalen-wedstrijd in het maandblad “ZIN”.  Ze vroegen een verhaal van rond de 150 woorden (weing!!) binnen het thema “Toen was de natuur aan zet”. Ik heb een verhaal met de titel “In de Soep gelopen” ingestuurd (173 woorden) En DAT VERHAAL is door de redactie UITGEKOZEN. Liefhebbers kunnen het vinden in de ZIN nr.4 die vanaf de tweede week maart in de winkels ligt…

–   Of  natuurlijk: wachten tot ik ‘m op hier ook op deze site gooi (zie linker kolom)

Tja,

Tja, en dan is het net nog zo nieuwe jaar alweer een hele maand op streek. Dingetjes die zich alhier voordeden:

*We gingen naar onze zwager B. die al de onstuimige leeftijd van 75 jaar bereikte (Hij is in onze generatie in dit opzicht dan ook onze grote voorganger!)

*Hanneke runde haar winkeltje en de typetjes daarbinnen …

*Joop ging een middagje sporten en rondkijken bij dementerende (jong-)bejaarden – daar kan later nog een bijzonder vrijwilligersklusje uit voortkomen

*Samen gingen we lunchen met de fietsclub, om het jaar in te wijden – daadwerkelijk samen fietsen begint pas weer als de zomertijd ingaat

*Onze meiden kwamen weer logeren; omdat ze beiden wel graag spelletjes doen (ook via internet, zoals ‘Wordfeud’) hadden we twee gratis, maar nog goedwerkende smartphones op de kop getikt – zodat we nu natuurlijk ook belaagd worden via Whatsapp

*Onze zonen kwamen als vanouds weer eens eten én we liepen weer heel DOM (“DOMlopen2”, m’n derde wandelpooltocht van 25 km. dit keer via Vreeswijk a/d Lek)

*Verder hebben onze Friese vrienden (ooit achterburen) J&L een paar dagen bij ons gelogeerd – ze zijn zojuist weer huiswaarts gegaan

*En onze eveneens Friese vriendin K. is ‘m met haar zus gesmeerd naar Portugal: van hieruit onze groeten!

*Michiel boekte intussen een reis naar Costa Rica … maar die vertrekt pas in de tweede helft van februari

*Tenslotte hebben we onze sterk verlepte stoeltjes vóór vervangen door een allu-tweezittertje (saai, maar weerbestendig!),

want ALS de prille zonnestralen even wolkeloos worden doorgelaten EN de wind is niette zuidelijk DAN kun je hier ook in februari alweer behaaglijk buiten zitten …

Muizenissen

Die hebben wij volop, een hele familie (veld)muizen bevolken in onze achtertuin nissen en nisjes.  We weten niet waar hun nest, dorpje of zelfs kolonie?) is, maar de leden van één gezin hebben onze vogel-voerplaats tot hun persoonlijk terras uitgeroepen. Steevast komen ze nu opdraven. Eerst één tegelijk, doch sinds kort ook met z’n vieren: één iets grotere pa of ma vergezeld door drie tierige jongeren. Men rekt zich lenig om zich brood, zaadjes en een vette hap (hangend blok en/of uit de pot vogeltjes-pindakaas) goed te laten smaken. Daarna nog even naar de bestrating bij onze tuindeur om te zien of het allerlekkerste wellicht door de slordige merels ter aarde is gesmeten en dan weer rap omhoog! De heen en terugweg naar onze ‘veldkeuken’ wordt afgelegd langs de dik met Hedera begroeide schutting. Dat gaat praktisch geruisloos en nauwelijks zichtbaar (heel af en toe zie je één blaadje bewegen…), maar tóch kreeg een buur kat argwaan. Sinds die er na veel speurwerk ééntje uit de begroeiing wist te plukken zit ze ’s avonds regelmatig gespannen onderaan de schutting – doorgaans gelukkig tevergeefs. Want hoewel onze naaste buren de muisjes maar niks vinden … WIJ vinden ze superleuk!! Verder is er hier enig nieuws van het vrijwilligersfront: allereerst is het (kleinste) fietsje dat hier nog stond inmiddels via Marktplaats verpatst. Einde fietspimpwerkplaats ‘Bruins-in-de-Bocht’ dus.  Nu heeft Joop zich aangemeld bij “Vier het Leven”, een organisatie die gebrekkig bewegend (nóg-)ouderen theaters en/of musea in en uit helpt. Dat gaat globaal zo: de bejaarden in kwestie kiezen uit een boekje speciaal geselecteerde voorstellingen, de organisatie zoekt dan per twee á drie ouderen een begeleider/chauffeur (de vrijwilliger dus) die hen elk thuis afhaalt en met hen naar het theater gaat. De theaters zijn geïnformeerd, er liggen gereserveerde kaartjes klaar en ze vangen ons op (opwachten bij aankomst, ieder even stallen met een kopje koffie zodat de begeleider/chauffeur de auto kan wegzetten e.d). De vrijwilliger kan tevoren aangeven op welke data hij/zij beschikbaar is. Wanneer je ingezet wordt betaal je zelf de benzine en P-kosten, maar niet ’t kaartje en een tweetal consumpties (vooraf en in een eventuele pauze). De organisatie verdeelt de ingeschreven ouderen op basis van woonplek over de vrijwilligers. In de praktijk ben je een keer of drie, vier per kwartaal chauffeur/begeleider (en af en toe ‘reserve’ om plotselinge uitval van een vrijwilliger te ondervangen). Het lijkt me wel leuk, dus ik ga vanaf eind februari aan de slag …  Hanneke en ik hebben beiden een tikje van een griep virus gehad, maar inmiddels lopen we weer fluks onze 20+ kilometer tochten. Heerlijk nu het weer steeds langer licht wordt, vooral als de zon zich even laat zien. Dus alles is hier inmiddels weer “kits”

Dat geldt niet in Leiden bij Mieke & Johan, waarover wij in ons bericht van 1 november schreven. Daar lijkt de ‘remedie’ inmiddels al erger dan de kwaal. Wij leven met ze mee.

Kortst

Tussen ons vorig bericht en dit zitten maar liefst 13 dagen. Voor veelpraters met schrijversdiaree, zoals ondergetekende, is dat een lange tijd zwijgen.  Hoe dat zo komt?  Vooral door overheersend péstweer. Waarin lekker lopen, een dwaas uitje en daar veelal bijhorende onverwachte ontmoetingen en/of gebeurtenissen uitblijven.  Vooral dus boeken lezen, een sudokootje doen, een mooie maaltijd kreëeren en dat soort dingen …  Behaaglijk, dat wel, maar te weinig interessant vaak om er kond’ van te doen.  Ik vrees dus dat ook bij u als lezertje enige meligheid tussen het lezen van dit non-bericht onvermijdelijk is.  Doe als wij, zou ik zeggen: sla je er door heen!

Hanneke had als ‘kraamhoudster/vrijwilliger’ tijdens een Kerstmarkt op de 15de nog wel verrassend veel publiek, maar het weer was te vies om er met onze logeetjes (de meiden, waarvan één grieperig) langs te gaan. Tot 2018 hoeft ze na afgelopen maandag nu niet meer te ‘werken’  -een hele troost (gniffel) En dinsdag j.l. konden we eindelijk weer eens een dagje wandelen: we gingen vanuit Woerden langs ‘de Limes’ (zoek dat maar op) terug naar huis.  Slechts 16 km., OK,  maar we moesten om 18.45 uur in het voormalig Politiebureau aan het Ledig Erf zijn voor de film “Vele Hemels boven de Zevende”.  Een fraai gemaakte maar nogal deprimerende rolprent.  Na-borrelend in een zeer bruin cafeetje besloten we binnenkort ook Humphreys weer eens met een bezoek te vereren – ook regelmatig uitgaan maakt deze duistere dagen o.i. wat smeuïger. Met het uitwisselen van Jaarwisselingsgroeten kwamen er hier geheel onverwacht ook enkele flessen alcoholica mee: twee wijn uit islamitische hoek(!) en een belegen Port uit Portugal…  Terwijl de eerste deelnemers voor m’n eerste Wandelpool-wandeling dit jaar weer binnen stromen (met z’n 14en 25 km. vanuit Culemborg) plannen wij ‘Vincent Bijlo’ voor de 29ste.

En intussen is het vandaag alweer de kortste dag.  Dus u voelt wel: we kómen er wel doorheen. Óp naar nieuw licht! Zolang je de Jingle Bells maar consequent UIT zet …

Oranje is toch écht Zwart

Het vorig bericht kondigde ons kort verblijf in Wolvega al aan, dus daar beginnen we nu mee. De treinreis op de heenweg naar dit (súpervoordelige) arrangementje onderbraken we –met onze rugzakken op dus- in Harderwijk. Altijd leuk om in rond te neuzen, maar wat een kaalslag aan de waterkanten daar(!)  Daarna door naar Wolvega: maaltijd en hotelkamer in een (deel van een) bejaardenflat, konden we vast oefenen..?!  De volgende, dus ‘tussenliggende’, dag treinden  we  eerst van Wolvega naar Steenwijk en liepen toen vandaar naar en dwars door Giethoorn. Waarbij ’t ons opviel dat het Noordelijke deel van Giethoorn eigenlijk nog Pittoresker is dan het veel bekendere, zuidelijke deel. (Dat noordelijke deel is kleinschaliger, smaller pad en veel minder bezocht, vooral omdat er een km. of twee aan kale asfaltweg tussen die beide delen zit)  Er waren -op deze winterse dag- gelukkig weinig ‘Chinese horden’ te bekennen.  Dat bleef bij één familie – bij de bushalte retour …  We besloten onze terugreis de volgende dag te onderbreken in Zwolle en daar weer eens museum “De Fundatie” in te duiken (die hebben vaak heel goede drie maandelijkse exposities rond een thema of specifieke kunstvorm) Kort nadat we de trein ingestapt waren bleek bij controle dat Hanneke geheel zwart reisde op oranje …  Dat ging zo: ze had op het station keurig de ‘meereis korting’ op haar (gele) OVkaart laten zetten en die weer opgeborgen tot we ’t perron opliepen. Daar meende ze bij de incheckpaal dan ook met díe pas in te checken – in werkelijkheid echter had ze haar bankpasje beet. En dat ging weer zo in de trein: de snel opdoemende conducteur reikte zij achteloos  haar pasje aan,  waarop hij sprak: “Reist u altijd oranje?” waarbij hij het glimlachend teruggaf(…) De echte OVpas moest toen uit tasje en/of jaszakken opgediept worden, waardoor hij dóórliep door met een luchtig “Zoekt u maar rustig door: ik geloof u wel..”  Dus pas ná de controle merkte Hanneke dat ze ook met haar bankpas had ‘ingecheckt’ – zoals in Zwolle bij ’t ‘uitchecken’ ook werd bevestigd. Tussen Wolvega en Zwolle dus op (vals) Oranje dus zeer Zwart gereden! Voor de goede orde: na Zwolle reisden we beiden weer geheel groen, zoals ook te doen gebruikelijk (!).  Zaterdag stuiterden we met Zus&Zwager door de binnenstad, waarbij het handig is dat wij ook naamloze OVpasjes voor gasten hebben. Wij hebben allemaal ook een museumjaarkaart – vaak ook reuze handig bij stads-zwerven, al hebben we ‘m deze keer niet ingezet.  Zondag vierden we met Michiel & Kasper als vanouds Sinterklaas: dat komt neer op prettig eten en dan kleine kado’s volgens loting, elk voorzien van ‘gedichten’ (Rijmwerken die zich bewegen tussen ‘moeizaam in elkaar geknutseld’ en ‘een bijna briljante vondst’)  Toen Kea deze week kwam logeren (ze is nu net weer onderweg naar huis) hebben we wél gebruik gemaakt van de museumjaarkaarten: ook met haar zwierven we door de stad, we doken daarbij ook het Stadsmuseum in – waar als extra een flinke expositie van ‘Pyke’ Koch is ingericht (met bevriende kunstenaars als Karel Willink en Toorop ook in historische context geplaatst)  Een dagje later wandelden we om en in de stad Woerden – waar ook een heel knus museumpje in het voormalige stadhuis bleek te zijn ingericht met nu een vriendelijke kleine expositie: “Kaas in de Kunst”.  Vanavond zijn we, door een vrijwilligers organisatie waar we mee verbonden zijn, uitgenodigd voor een klassiek concert in Tivoli Vredenburg en morgenvroeg nemen we deel aan het “Vergeetwoorden Gala 2017” vanuit een theater in Wijk bij Duurstede.  Dat Gala is georganiseerd door het radioprogramma “Taalstaat” van Frits Spits op zaterdag tussen 11.00 en 13.00 uur; het wordt dus ook live uitgezonden.  [Ik heb ooit bij dit programma “Habbekrats” als vergeetwoord ‘geadopteerd’ – en het ‘adoptiebewijs’ dat daarbij hoort is ons toegangsbewijs voor het Gala]

Van alles te doen dus plots hier.  Maar goed ook – want buiten valt de natte sneeuw traag uit een loden lucht… Saai !!  Wacht eens effe..: Ah, daar is de zon alweer – en plots ligt die natte kledderige sneeuw er fraai bij op de haag en het golfplaten-dak van ons schuurtje.  ’t Is net het leven zelf: na elk dipje straalt dat je weer tegemoet.  [“Of niet dan?!”, zou een Edese Schoonzus hier aan toevoegen … ]