Thuis – in blijde verwachting

We zijn weer thuis beland.  En hoewel we gisteren direct alweer kennis mochten maken met de bekende treurige omstandigheden te onzent met betrekking tot temperatuur en vochtigheid, laat het zich aanzien dat we toch onze belofte om de lente voor jullie mee te nemen zullen kunnen nakomen. Let komende dagen maar eens op!  (Hoewel: Portugese toestanden laten nog wel 2 maanden op zich wachten wat dit betreft..) Het is voor ons helemaal een tijd van blijde verwachting, want niet alleen de Lente komt er aan (en nog verderop het oprekken van mijn eigen houdbaarheidsdatum tot voorbij de 60 – daarover later vast meer)  maar óók komen deze week onze geliefde buurtjes uit Elahuizen zich opnieuw als buren aanmelden: één huisje verderop. Vol verwachting klopt dus ons hart…

All over Portugal..

De afgelopen week hebben we in ruim 1200 kilometers doorgaans kronkelige wegen Portugal Midden en -Zuid uitbundig besnuffeld.  Zo bezochten we onder meer stadjes aan de grensrivier Guadiana gelegen (Mértola en het smokkelaarsnest Alcoutim), aan de kusten gelegen (zoals het prachtige, hooggelegen vissersstadje Nazaré) en natuurlijk een heleboel markante plekken in het binnenland. Daarbij hoorden zeker ook de vele nog ommuurde heuvelstadjes. Obidas is daarvan het prachtigste voorbeeld: je kunt er (hoewel nogal gevaarlijk) nog geheel rond óver de muur, zodat je naar binnen op de authentieke daken enin de  smalle straatjes kijkt en naar buiten de weidse omgeving ziet – intussen overigens onverhoeds steeds weer praktisch van de muur afwaaiend.. Op soortgelijke wijze liepen we meerdere muren af, bijvoorbeeld die rond een deel van een tempelierscomples uit 1300 op een heuvel bij Tómar. slaapverwekkend kitcherig en namaak-groots bleek daarentegen het bekende bedevaartsoord Fatima, met z’n Pietersplein-imitatie. (Wij voelden ons tenminste allerminst gezegend met de overnachting dáár..) Voorts twee overnachtingen te Lissabon – we hadden dus de gelegenheid die stad een avond én een hele dag eens “goed te beplúzjen”, zoals de Fries zegt. Dat kwam ons op tussen de vijftien en de twintig warme, beheuvelde kilometers in onze sandalen te staan.  Inmiddels zijn we weer terug op ons privé terrasje op de Koningsrots (=” Pedras d’el Rei”) en komen we weer geheel bij middels koffiebezoeken aan Thijs, strandwandelingen, etentjes bij ons favoriete zigeunerachtige aangeschroeide-visjes-restaurant [dat wij “Oma Roma” noemen. (Mag ook “Sonja Sinti” zijn natuurlijk] en dat soort ontspannende zaken. Alle opgedane indrukken ‘dalen zo lekker in’, terwijl ons velletje nog wat doorcaramelliseert (ondanks dat we meestal de schaduw zoeken), want het is nog altijd: élke dag zon en zo tussen 20 en 25 graden in de middag.

Nog één weekje en dan gaan we weer eens in Lunteren kijken of het groen er al wat wil uitbotten. We nemen de Lente méé voor jullie!

Alentejo…

Na een trage start (eerste week vrij kil: ca. 15 C.) is het hier inmiddels ongemeen warm voor de tijd van het jaar: vandaag liepen wij in Mértola rond bij ruim 25 graden!  We hebben de eerste twee weken doorgebracht met fietstochten, etentje, wandelingen, etentje, kennismakingen met diverse landschappen, etentje, bij Thijs aanlopen, etentje, strandwandelingen, etentje, Fado-avondje met diner, Tentoonstellingsopening via Thijs met etentje, koffieterrasje (voor de afwisseling..) énzovoorts.  Met de trein zijn we ook nog naar de meer westelijke en meer rotsachtige Algarve-kust gereist (zie foto van rode-rotsen bij Portimão hieronder).  Een leuk verschijnsel die Portugese spoorwegen: ’t ziet er niet uir én je reist langzamer dan met de bus, maar wel voor bijv. 3 euro 20 met z’n tweëen en twee fietsen over en km. of 30…  (Naar Portimão was zo’n 80 km., reistijd heen en terug: 4 uur, 20 minuten, prijs: 13,80 p.p.).  Sedert gisteren zijn we met een huurautootje (splinternieuwe Polo mét aircontrol) aan een Hotelrondreisje begonnen dat over een dag of 6 eindigen zal in Lissabon. Vandaag bijvoorbeeld via Alcoutim (oud smokkelaarsnest aan de Spaanse grensrivier, de ‘Guadiana’) en Mértola (een nog echt Portugees stadje in ‘de middle of nowhere, dus praktisch zonder toeristen -nu op ons na dus-) naar Évora (een forse ‘binnenlandse’ stad met een flink ommuurd antiek centrum). Deze streek hier, in het ZuidOosten van Portugal dus, het Alentejo – en is ook een bekend wijngebied.  Als altijd op zoek naar niet te dure, leuke en zéér Portugese restaurantjes vielen we vandaag weer eens met de neus in de boter: in een “nebbisch” achterafstraatje troffen wij, afgaande op onze intuïtie, een klein doch doorwrocht zaakje (volhangend met oorkondes en prijzen aan de muur) waar we naar ons idee behoorlijk culinair hebben gegeten- samen voor zo’n 37 euro, incl. wijn en koffie.

‘Normale’ prijzen voor het eten van bijv. lekkere dagverse dooie visjes met salade, brood & wijn: ca. 12 euro p.p.  Dus ook in dat opzicht vermaken wij ons hier wel tijdens het doorbakken van ons eigen velletje.. Tot een volgende keer (en mail gerust: dat ‘vangen’ we dagelijk op per ‘superGSM’.

Ola ! (Hallo !)

Alweer bijna een week in de Algarve. Een (voor hier) tamelijk bewolkte week – zelfs enkele miezerspatjes gesignaleerd. Een graad of zestien.  Niettemin al flink gefietst, vooral langs de kust met de diverse vissersdorpen. En gewandeld – een 15 km.lange rondwandeling bijvoorbeeld, waarin 7 km. strand is inbegrepen. En natuurlijk (!) diverse terrasjes ‘bepluisd’, zoals de Fries zegt…  Morgenavond hebben we een feest met etentje met 2 Noren, 3 Portugezen, waarbij inbegrepen Thijs’ vriendin Bli en 3 Nederlanders, wij dus en Thijs.  Wij fietsen (bergop) er rond 19.30 uur naartoe (in naar schatting zo’n 30 minuten) en fietsen voorin de nacht – ongetwijfeld nog ‘uitbuikend’ (bergaf) weer terug – in naar schatting minder dan 20 min. ….  Olé dus voor hier – en Ola aan jullie allen!

ZonZoeken !

Hallo lieve lezertjes: morgenmiddag vertrekken wij van vliegveld Rotterdam naar de Algarve. We blijven er tot 27 maart(!)  We hebben er -op een ons vertrouwd plekje-  een appartement in een park dichtbij zee.  Daar horen een paar mountainbikjes bij om boodschappen te doen in het vissersdorp Santa Luzia (op 2 km.) of om naar de nabijgelegen stad Tavira (5,5 km.) te gaan, waar ook mijn vriend Thijs woont.  Ook kun je (bijna voor niks) met fietsje en al per trein de hele zuidkust langsrijden, dus ik heb al een fietstochtje of zes ‘uitgezet’ vanaf diverse stations; want door via ‘Google Maps’ flink in te zoomen krijg je tal van paden in beeld waar geen auto’s komen. Het is daarbij maar goed dat m’n spiksplinternieuwe telefoontje ook een prima GPSfunktie heeft (mét kaarten over heel Europa, precies zoals bijv. de TomTom) want zulke paden kunnen ter plekke natuurlijk wel “propriétada private” blijken – en dan mag je er niet over. Dan moet er dus een alternatief worden gezocht. Verdwalen wordt nu echter wel heel lastig: want als je de kaart waarop je in de telefoon met een rode stip staat aangegeven wat uitzoomt dan zie je direkt in welke richting  en hoever weg het dichtstbijzijnde dorp, station of grote weg bereikbaar is.

De derde week van de vier maken we een hotelreis langs historische gebouwen, dorpen en steden in het zuidelijke binnenland – eindigend met twee overnachtingen in de hoofdstad Lissabon.  En natuurlijk het allerbelangrijkste: we gaan vaak diezelfde dag nog versgevangen en zojuist fiks geroosterde dooie vissies met plaatselijke wijnen wegspoelen! Voor komende maand ‘life’-gezien dus: Tabee, maar we nemen daarna ook de Lente met ons mee!! Op deze site houden we jullie als vanouds ook vanuit Portugal globaal op de hoogte natuurlijk.  Kijk zelf maar even waar we zitten: Pedras d’el Rei, Portugal, klik erop en je ziet ons huisje van bovenaf. Je kan wat uitzoomen met de ” – ” (onderaan de vertikale lijn links in het plaatje): dan zie je de kust, het vissersdorp, Tavira enzovoorts. [Als je inzoomt kun je het kleine spoortje ook zien waarlangs wij naar het strand wandelen – en de honderden piepkleine vissersbootjes voor Santa Luzia…]

POEP op de Stoep !

Er moet een buitengewoon onzindelijk dier zijn dat het speciaal op óns heeft gemunt: elke ochtend vinden wij POEP op de stoep. Op zich kunstzinnig gewokkelde vormen (zie foto), maar niettemin niet geheel de bedoeling – althans: de ónze. (En bij de ons omringende buren ligt niets van dit al (?!)

Wij keken dus al menigmaal, ook bij nachtelijke toiletgang, voorzichtig zonder verlichting e.d. naar buiten rechts onder onze terrasden, maar vermochten de boosdoener/drekproducent  (’n soort vogel misschien?) tot op heden niet te betrappen.  Wellicht is er een “secretiedeskundige” onder de lezertjes?;  dan horen wij dat graag natuurlijk…  [Luierinhouddeskundigen zonder nadere studie algemene biologie , zoals bijv. AlbertJan&Flory, hoeven niet te reageren. Die kennis bezitten wij reeds..]  Tot nadere kennis ons vooruithelpt blijft er weinig anders over dan végen.  En dat doe ik, zoals u weet, haast meditatief – getraind als ik ben door maandelange gestage naald- en eikelval…

Tremens Majestutum (Konings Bibber)

Wij genieten in deze prille voor-lentedagen bijzonder van een bruingevlokt wezentje ter grote van een schraal pingpongballetje, dat bijzonder nijver tussen de blaadjes van onze bodembedekkers heen en weer en bovendien op en neer stuitert. Dit minuscule wondertje van motorisch vernuft gaat schier dodelijk gebukt onder de trotse naam: WinterKoninkje.  De mini-Vorst is behept met bewegingsvaardigheden van buitengewone schoonheid, zoals bijvoorbeeld zijn vermogen om in een flitsend tempo exact een half -of anderhalf!- horizontaal rondje te rennen om een vertikaal gerichte tak. Hij vindt dit klaarblijkelijk makkelijker (én sneller!) dan gewoon even achterom te kijken..

Een wonderlijke en óók heel grappige methode om voedsel te vergaren is de volgende:  zich tussen en óp bodembedekkend blad voortbewegen (hij is daarbij dan feitelijk niet van een veldmuisje te onderscheiden) en dan plotseling hoogfrequent en hevig met de pootjes te gaan trillen.  Aan het pikwerk direct daarna te zien, levert dit hem verborgen (overwinterende?) insecten of larven daarvan op.  Wij nemen onze kleine Koning ongeveer op één meter afstand waar vanachter onze ‘serre’ruiten en we hebben dit kenmerkende gedrag inmiddels ‘verLatiniseerd’ tot: “Tremens Majestutum”, hetgeen zoveel wil zeggen als:  Koninklijke Bibbers.

Hij zou in een DierenDisco een wáár Feestbeest zijn, dit Winters Koninkje !

V$&@&$ijn !

Van het Angelsaksisch opgedrongen gedrocht “Valentijn”

kan er op dit Halfrond nauwelijks een groter háter zijn

dan juist ondergetekende dat duidelijk en met verve is –

een V$&@&$kaart aan mij is ook daarom geen kattepis…

De zending bleek echter reeds na ampele bestudering

vertederend: zo repte Zíj van onze oeverloze verkering;

hoewel aldus met plagerige ironie te berde gebracht

mogen, gezien de zoen, weer jaren verkering worden verwacht !

++ LAATSTE NIEUWS++

++ Kasper sinds vanmiddag weer thuis -stop-
++ Nieuwgezette antibiotica kralen in enkel -stop-
++ Moeten er dinsdag over 10 dagen weer -stop-
++ Geen infuus meer =rondkrukken in huis -stop-
++ IJzerwerk onderbeen later verwijderd -stop-
++ Daarna nog wekenlang gips/’loopgips’ -stop-
++ nog wel even zoet mee dus… -stop-
-gestopt-

Richting: ROOTS

Vandaag was een werkelijk prachtige dag.  Zo was’ie al aangekondigd.  Oorspronkelijk zouden mijn Geliefde en ik daarom met de Wandelpool een dagwandeling “Heide” maken van zo’n 25 km.  Mijn Gade echter bleek enige heupstagnatie te ontwikkelen (lijkt wat ‘griepgestuurd’) en zij vond die 25 km. daarom even iets te pittig.  Tegelijkertijd werd gemeld dat de Wandelpooltocht niet door zou gaan.  Zélf stond ik echter mentaal al in de startblokken.  Daarom heb ik maar besloten “richting ROOTS” te gaan lopen:  immers geboortig te Apeldoorn, bijna 60 jaar geleden, dus daarheen te voet.  Van ons stulpje tot het centrum (NS en Busstation) van Apeldoorn bleek ruim 33 km.  Voor mij tevens een record voor een ‘vrije’ dagwandeling. Ik stapte over onze afrastering het bos in om 08.40 uur, pauzeerde onderweg in het totaal 35 minuten en was 15.56 uur op ’t Apeldoornse busstation – waar om 16.01 een bus vertrok naar Voorthuizen… Zodat ik om 17.10 uur alweer op het Lunterse perron stond.  Een fabelachtig fraaie dag; in licht, in landschapsschoon, in de stille cadans van een permanente ‘natuurlijke’ beweging én in conditioneel opzicht (40 km. was ook geen probleem geweest).  Tel uw zegeningen – maar wat nu als ze als de sterren zijn?